ECLI:NL:RBDHA:2023:8990
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur ingediend beroep tegen niet tijdig beslissen verblijfsvergunning asiel
Eiser diende op 8 januari 2022 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Na het verstrijken van de reguliere beslistermijn van zes maanden stelde eiser verweerder op 19 december 2022 in gebreke wegens het niet tijdig beslissen. Vervolgens stelde eiser op 9 januari 2023 beroep in tegen het uitblijven van een besluit.
Verweerder had de beslistermijn aanvankelijk verlengd met een jaar vanwege een besluitmoratorium voor asielaanvragen uit Afghanistan. Na beëindiging van dit moratorium op 22 juli 2022 liep de beslistermijn weer, maar werd deze vervolgens rechtsgeldig met negen maanden verlengd op grond van het WBV 2022/22 wegens een groot aantal gelijktijdige aanvragen.
De rechtbank oordeelde dat de verlenging van de beslistermijn rechtsgeldig was en dat de ingebrekestelling van 19 december 2022 prematuur was ingediend. Daardoor voldoet het beroep niet aan de wettelijke vereisten en is het beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.