ECLI:NL:RBDHA:2023:8988
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag niet-ontvankelijk wegens prematuur beroep
Eiser diende op 17 mei 2022 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde eiser bij brief van 21 november 2022 op de hoogte van een verlenging van de beslistermijn met negen maanden vanwege een groot aantal gelijktijdige aanvragen, conform het nieuwe WBV 2022/22.
Eiser stelde de staatssecretaris op 13 december 2022 in gebreke wegens het niet tijdig beslissen en diende op 29 december 2022 beroep in tegen het uitblijven van een besluit. De rechtbank overwoog dat de wettelijke beslistermijn van zes maanden op 17 november 2022 zou eindigen, maar dat deze termijn rechtsgeldig was verlengd tot 17 augustus 2023.
Omdat de ingebrekestelling en het beroep werden ingediend vóór het einde van de verlengde beslistermijn, oordeelde de rechtbank dat het beroep prematuur was en niet voldeed aan de vereisten van artikel 6:12, tweede lid, Awb. Daarom werd het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur indienen.