ECLI:NL:RBDHA:2023:8674
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens te vroege ingebrekestelling bij verlengde beslistermijn asielaanvraag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De rechtbank heeft partijen medegedeeld dat een zitting niet nodig was en het onderzoek zonder zitting gesloten.
De kern van het geschil betreft de toepassing van het besluit WBV 2022/22, dat sinds 27 september 2022 van kracht is en de beslistermijn voor asielaanvragen die nog niet waren verstreken met negen maanden verlengt. Eiseres betwist dat deze verlenging rechtsgeldig is toegepast en stelt dat de ingebrekestelling van 12 december 2022 niet prematuur was.
De rechtbank verwijst naar een eerdere uitspraak waarin werd geoordeeld dat de verlenging van de beslistermijn terecht was toegepast. Omdat de asielaanvraag van eiseres op 4 juni 2022 is ingediend, valt deze onder de verlengde beslistermijn. De ingebrekestelling was daardoor te vroeg, waardoor niet aan de voorwaarden voor ontvankelijkheid van het beroep is voldaan.
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te vroege ingebrekestelling in het kader van de verlengde beslistermijn.