Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam eiser], eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Albanese vreemdeling, werd op 24 mei 2023 aangehouden en vervolgens onder bewaring gesteld op grond van de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel van bewaring werd op 31 mei 2023 opgeheven. Eiser stelde beroep in tegen het besluit tot bewaring en verzocht tevens om schadevergoeding wegens onrechtmatige tenuitvoerlegging van de bewaring.
De rechtbank behandelde het beroep op 31 mei 2023 en sloot het onderzoek op 2 juni 2023. De rechtbank oordeelde dat verweerder de termijn voor het aanleveren van nadere inlichtingen had overschreden, maar dit in dit geval niet leidde tot uitsluiting van die stukken, omdat eiser hierop kon reageren.
De kern van het geschil betrof het feit dat verweerder geen contact had opgenomen met het Openbaar Ministerie om te verifiëren of bezwaar bestond tegen de voorgenomen uitzetting van eiser, ondanks diens strafrechtelijke aanhouding. De rechtbank stelde vast dat dit contact wel had moeten plaatsvinden, waardoor de bewaring vanaf 26 mei 2023 onrechtmatig was.
De rechtbank kende daarom een schadevergoeding toe van €800,- voor acht dagen onrechtmatige bewaring en veroordeelde de Staat tot betaling van proceskosten van €1.674,-. Het beroep werd gegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank kent een schadevergoeding van €800 toe wegens acht dagen onrechtmatige bewaring en veroordeelt de Staat in proceskosten.