ECLI:NL:RBDHA:2023:8001
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking beroep asielaanvraag
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 6 april 2022. De staatssecretaris heeft later een inwilligend besluit genomen, waarna verzoeker het beroep introk en proceskostenvergoeding vorderde.
De rechtbank overweegt dat de beslistermijn rechtsgeldig is verlengd met negen maanden op grond van het WBV 2022/22, waardoor de ingebrekestelling prematuur was en het beroep niet-ontvankelijk zou zijn verklaard indien niet ingetrokken.
Omdat het beroep niet ontvankelijk was en er geen sprake is van geheel of gedeeltelijk tegemoetkomen aan verzoeker, is geen grond voor proceskostenvergoeding. De rechtbank wijst het verzoek daarom af als kennelijk ongegrond.
Uitkomst: Het verzoek om vergoeding van proceskosten wordt afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid van het beroep.