ECLI:NL:RBDHA:2023:7825
Rechtbank Den Haag
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na ingetrokken beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag
Verzoeker diende op 20 februari 2023 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 11 april 2022. De staatssecretaris heeft de aanvraag op 16 maart 2023 alsnog ingewilligd, waarna verzoeker het beroep introk en proceskostenvergoeding vorderde.
De rechtbank oordeelt dat de beslistermijn rechtsgeldig met negen maanden is verlengd op grond van het WBV 2022/222 en artikel 42, vierde lid, van de Vreemdelingenwet. Hierdoor was de ingebrekestelling prematuur en zou het beroep niet-ontvankelijk zijn verklaard als het niet was ingetrokken.
Hoewel de staatssecretaris tegemoet is gekomen, bestaat op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht geen aanleiding tot volledige proceskostenveroordeling. De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot vergoeding van de helft van de proceskosten, namelijk € 418,50, conform artikel 8:54 en Pro 8:75a Awb.
Uitkomst: De staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 418,50.