ECLI:NL:RBDHA:2023:6799
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens onduidelijkheid over opschorting Dublin-overdrachten naar Italië
Eiser, een Eritrese asielzoeker die in 2018 uit Eritrea vertrok en in 2021 Italië binnenkwam, diende een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder stelde dat Italië verantwoordelijk was voor de aanvraag op grond van de Dublinverordening en nam de aanvraag niet in behandeling. Eiser betwistte de meerderjarigheid en de echtheid van documenten, en verwees naar een Circular Letter waarin Italië de overdrachten opschort vanwege tekort aan opvangplaatsen.
De rechtbank oordeelde dat de opschorting van overdrachten naar Italië sinds december 2022 voortduurt zonder duidelijkheid over de duur of reden, waardoor het niet langer als tijdelijk kan worden gezien. Er is mogelijk sprake van fundamentele tekortkomingen in de opvangvoorzieningen in Italië, waardoor nader onderzoek door verweerder nodig is.
Het beroep is gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd, en verweerder opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen. Tevens is verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onduidelijkheid over de opschorting van overdrachten naar Italië.