ECLI:NL:RBDHA:2023:6540
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen voortduren vreemdelingenbewaring zonder zicht op uitzetting
Eiser, van Marokkaanse nationaliteit, is sinds 2 januari 2023 in vreemdelingenbewaring. Hij stelde dat de bewaring bijna zes maanden duurde en dat er geen zicht op uitzetting was omdat de Marokkaanse autoriteiten geen laissez passer verstrekken.
De rechtbank oordeelde dat de termijn van zes maanden pas op 2 juli 2023 wordt bereikt en dat er wel degelijk zicht op uitzetting is, mede gelet op eerdere rechtspraak en de voortgangsrapportage. Eiser weigerde medewerking aan presentaties bij de Marokkaanse vertegenwoordiging, waardoor de langere duur voor zijn rekening komt.
De rechtbank constateerde dat verweerder voldoende voortvarend heeft gehandeld bij de uitzetting, met meerdere vertrekgesprekken en rappelleringen. De rechtmatigheid van de maatregel is ambtshalve getoetst en geconstateerd.
Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.