ECLI:NL:RBDHA:2023:5967
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen voortzetting maatregel van bewaring vreemdeling
De staatssecretaris heeft op 25 december 2022 een maatregel van bewaring opgelegd aan eiser op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser stelde beroep in tegen de voortzetting van deze maatregel en verzocht tevens om schadevergoeding.
De rechtbank heeft de maatregel reeds tweemaal eerder getoetst en concludeerde dat deze tot het moment van het vorige onderzoek rechtmatig was. Het huidige onderzoek richt zich op de rechtmatigheid sinds dat moment.
Eiser stelde dat de staatssecretaris onvoldoende voortvarend zou handelen, omdat de laissez-passer-aanvraag (lp-aanvraag) al geruime tijd geleden is ingediend zonder zicht op uitzetting. De rechtbank oordeelt echter dat de staatssecretaris meerdere rappels aan de Marokkaanse autoriteiten heeft gestuurd en dat er geen aanwijzingen zijn dat deze autoriteiten niet zullen meewerken. Tevens is vastgesteld dat eiser niet volledig meewerkt aan zijn terugkeer, wat zijn eigen verplichtingen betreft.
De rechtbank acht de voortvarendheid van de staatssecretaris voldoende, mede gezien recente vertrekgesprekken en rappels. Het ontbreken van documenten door eiser en zijn afwachtende houding spelen hierbij een rol. Gezien deze omstandigheden is het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de voortzetting van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.