ECLI:NL:RBDHA:2023:2289
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens vertrek met onbekende bestemming in asielprocedure
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin zijn asielaanvraag als kennelijk ongegrond is afgewezen. De rechtbank heeft het beroep samen met een andere zaak op 3 februari 2023 behandeld. De gemachtigde van eiser kon geen contact krijgen met eiser, die met onbekende bestemming is vertrokken.
De staatssecretaris heeft de rechtbank geïnformeerd dat eiser zijn woonruimte op 18 januari 2023 heeft verlaten en zich niet meer heeft gemeld bij het Centraal orgaan opvang Asielzoekers. De rechtbank volgt vaste jurisprudentie dat een vreemdeling die met onbekende bestemming vertrekt, geen prijs meer stelt op bescherming in Nederland, tenzij anders blijkt uit contact met de gemachtigde.
Omdat eiser geen contact onderhoudt en niet meer in Nederland verblijft, heeft hij geen procesbelang meer bij de inhoudelijke behandeling van zijn beroep. Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en hoeft de staatssecretaris geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang omdat eiser met onbekende bestemming is vertrokken.