ECLI:NL:RBDHA:2023:21243
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens vertrek vreemdeling
In deze bestuursrechtelijke zaak beoordeelt de rechtbank Den Haag het beroep van eiseres tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om haar asielaanvraag niet in behandeling te nemen. Tevens wordt het verzoek om een voorlopige voorziening behandeld.
Eiseres, die de Moldavische nationaliteit heeft, is met onbekende bestemming vertrokken zonder de gemachtigde of de overheid te informeren over haar verblijfplaats. De gemachtigde heeft bevestigd geen contact meer met haar te hebben. Op grond van vaste rechtspraak, waaronder een arrest van de Afdeling bestuursrechtspraak van 22 januari 2019, leidt dit tot het oordeel dat eiseres geen prijs meer stelt op de bescherming die zij aanvankelijk zocht.
Daarom heeft eiseres geen procesbelang meer bij een inhoudelijke behandeling van haar beroep. De rechtbank verklaart het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter C.W. Griffioen en griffier A.E. Wadman.
Uitkomst: Het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening worden niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.