ECLI:NL:RBDHA:2023:2109
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak Dublinprocedure
Verzoeker, een Eritrese asielzoeker, had een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Italië volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag.
Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht tegelijkertijd om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om voorlopige voorziening samen met het beroep op 21 februari 2023 in Groningen, waarbij verzoeker werd bijgestaan door een gemachtigde en een tolk via telefonische verbinding aanwezig was.
De voorzieningenrechter oordeelde dat nu op het beroep reeds uitspraak was gedaan in zaaknummer NL23.3053, een voorlopige voorziening niet langer nodig was. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat op het beroep reeds uitspraak is gedaan.