ECLI:NL:RBDHA:2023:20309
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen verlenging overdrachtstermijn en niet in behandeling nemen asielaanvraag
Eiser, een Algerijnse asielzoeker, diende meerdere asielaanvragen in Nederland en Zwitserland in. Nederland verzocht Zwitserland om terugname op grond van de Dublinverordening, maar Zwitserland reageerde niet tijdig, waarna Nederland de overdrachtstermijn verlengde tot 18 maanden. Eiser werd uiteindelijk overgedragen aan Zwitserland, keerde terug naar Nederland en diende opnieuw een asielaanvraag in die Nederland niet in behandeling nam.
Eiser voerde aan dat de verlenging van de overdrachtstermijn prematuur was en dat hij niet tijdig over het verlengingsbesluit was geïnformeerd, waardoor het besluit ongeldig zou zijn. De rechtbank oordeelde dat het verlengingsbesluit rechtsgeldig was bekendgemaakt aan Zwitserland en dat eiser de termijn voor het instellen van beroep overschreed, maar dat deze termijnoverschrijding verschoonbaar was vanwege gebrek aan kennis en informatie.
De rechtbank verwierp het standpunt dat het verlengingsbesluit prematuur was genomen en oordeelde dat Nederland terecht de asielaanvraag niet in behandeling had genomen. Het beroep tegen beide besluiten werd ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen. Eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De beroepen tegen het verlengingsbesluit en het besluit op de asielaanvraag worden ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.