ECLI:NL:RBDHA:2023:1954
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag op grond van Dublinverordening wegens verantwoordelijkheid Italië
Eiser, een Jemenitische asielzoeker, diende op 3 juni 2022 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder nam de aanvraag niet in behandeling omdat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling op grond van de Dublinverordening, aangezien eiser op 14 mei 2022 illegaal Italië was binnengekomen. Italië reageerde niet binnen de gestelde termijn, waardoor de verantwoordelijkheid volgens de verordening vaststaat.
Eiser voerde aan dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet van toepassing is vanwege tekortkomingen in de Italiaanse opvang en zijn ernstige medische situatie, waaronder behandeling door een neuroloog en diabetes. De rechtbank overweegt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel recentelijk is bevestigd door de Afdeling bestuursrechtspraak en dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat dit in zijn geval anders is.
De aangehaalde circular letter betreft een tijdelijk overdrachtsbeletsel dat het vertrouwensbeginsel niet doorbreekt. Ook de medische situatie van eiser rechtvaardigt volgens de rechtbank geen uitzondering, omdat Italië vergelijkbare medische voorzieningen heeft. Er zijn geen andere omstandigheden die toepassing van artikel 17 van Pro de Dublinverordening rechtvaardigen. Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.