Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaken tussen
[eiseres 1] V-nummer: [nummer] eiseres sub 1,
[eiseres 2], eiseres sub 2
Rechtbank Den Haag
Eiseressen, een moeder met drie minderjarige dochters uit Sierra Leone, dienden asielaanvragen in Nederland in. De staatssecretaris nam deze niet in behandeling omdat België volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling. België heeft dit verzoek tot overname aanvaard.
Eiseressen betoogden dat de opvang in België ontoereikend is en dat zij bescherming nodig hebben tegen dreiging van de familie van de vader, waaronder het risico op besnijdenis van de dochters. Zij stelden dat Nederland de asielaanvraag aan zich had moeten trekken op grond van artikel 17 van Pro de Dublinverordening.
De rechtbank oordeelde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt en dat België opvang en bescherming biedt aan kwetsbare groepen zoals eiseressen. De aangevoerde risico's en opvangtekorten zijn onvoldoende aannemelijk gemaakt om Nederland tot behandeling te verplichten.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde het besluit van de staatssecretaris. Eiseressen kregen geen proceskostenvergoeding. De uitspraak bevat tevens informatie over de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat België verantwoordelijk is voor de asielaanvragen en opvang van het gezin.