ECLI:NL:RBDHA:2023:18031

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
17 november 2023
Publicatiedatum
23 november 2023
Zaaknummer
NL23.30445
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet-inhoudelijke behandeling asielaanvraag wegens Dublin-verwijzing

Eiser heeft in Nederland asiel aangevraagd, maar de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft zijn aanvraag niet in behandeling genomen omdat Tsjechië verantwoordelijk is volgens het Dublin-verdrag. Eiser heeft hiertegen beroep ingesteld.

Tijdens de zitting op 15 november 2023 zijn eiser en zijn gemachtigde niet verschenen, terwijl verweerder wel vertegenwoordigd was. De rechtbank heeft vastgesteld dat eiser inmiddels met onbekende bestemming is vertrokken en geen contact meer onderhoudt met zijn gemachtigde.

Gezien de vaste jurisprudentie en het ontbreken van tegenbewijs neemt de rechtbank aan dat eiser geen belang meer heeft bij de inhoudelijke behandeling van zijn beroep. Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en ziet af van een proceskostenveroordeling.

Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.30445
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam], eiser,

V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. H.C.Ch. Kneuvels),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.

(gemachtigde: mr. N. Hamzaoui).

Procesverloop

Bij besluit van 21 september 2023 (het bestreden besluit) heeft verweerder eisers asielaanvraag niet in behandeling genomen, omdat Tsjechië verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
De rechtbank heeft het beroep op 15 november 2023 op zitting behandeld. Eiser en zijn gemachtigde zijn, met voorafgaand bericht, niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Overwegingen

1. Eiser heeft asiel aangevraagd in Nederland. Bij bericht van 14 november 2023 heeft verweerder laten weten dat eiser met onbekende bestemming is vertrokken. De gemachtigde van eiser heeft dit niet weersproken en heeft niet aangegeven nog in contact te zijn met eiser. Eiser en zijn gemachtigde zijn ook niet verschenen op de zitting.
2. Gelet op vaste jurisprudentie [1] en de reactie van de gemachtigde van eiser neemt de rechtbank aan dat eiser niet langer prijs stelt op de aanvankelijk gezochte internationale bescherming in Nederland. Eiser heeft dan ook geen belang meer bij de inhoudelijke beoordeling van zijn beroep.
3. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 15 november 2023 door mr. K.M. de Jager, rechter, in aanwezigheid van M. Elmi, griffier, en het proces-verbaal hiervan os openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op
www.rechtspraak.nl.
Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na de dag van bekendmaking van dit proces-verbaal.

Voetnoten

1.ABRvS 22 september 2019, ECLI:NL:RVS:2019:579.