ECLI:NL:RBDHA:2023:17811
Rechtbank Den Haag
- Versnelde behandeling
- Rechtspraak.nl
Rechtbank vernietigt niet tijdig besluit staatssecretaris inzake machtiging tot voorlopig verblijf
Eisers, allen van Syrische nationaliteit, hebben in juli en oktober 2022 aanvragen ingediend voor een machtiging tot voorlopig verblijf als familie- of gezinsleden in het kader van nareis. De staatssecretaris heeft niet binnen de wettelijke termijn van 90 dagen beslist en deze termijn met drie maanden verlengd. Eisers stelden de staatssecretaris in juni en september 2023 in gebreke wegens het uitblijven van een besluit.
De rechtbank oordeelt dat het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit gegrond is, omdat de staatssecretaris niet binnen de wettelijke termijn heeft beslist en de ingebrekestelling rechtsgeldig was. De rechtbank sluit zich aan bij eerdere jurisprudentie dat bij overschrijding van de beslistermijn sprake is van een bijzonder geval en stelt een nadere termijn vast waarbinnen de staatssecretaris alsnog moet beslissen.
De rechtbank legt een dwangsom op van €100 per dag met een maximum van €7.500 en stelt de reeds verbeurde dwangsom vast op €1.442. Tevens veroordeelt zij de staatssecretaris in de proceskosten van eisers. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is openbaar gemaakt op 21 november 2023.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt de staatssecretaris op binnen acht weken alsnog een besluit te nemen, met oplegging van een dwangsom.