ECLI:NL:RBDHA:2023:17651
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen overdracht asielzoeker aan Polen op grond van Dublin-verordening
Verzoeker, een asielzoeker van Tanzaniaanse nationaliteit, heeft tegen het besluit van 18 oktober 2023 beroep ingesteld omdat zijn aanvraag verblijfsvergunning niet in behandeling werd genomen met het argument dat Polen verantwoordelijk is voor de asielprocedure. De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om een voorlopige voorziening op 16 november 2023.
De voorzieningenrechter overweegt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Polen ter discussie staat en dat prejudiciële vragen hierover nog niet door het Hof van Justitie van de Europese Unie zijn beantwoord. Gezien de mogelijke onomkeerbare gevolgen van een overdracht aan Polen en het ontbreken van zwaarwegende belangen van de staatssecretaris, is onverwijlde spoed aanwezig om een voorlopige voorziening te treffen.
De rechtbank besluit het verzoek toe te wijzen, het bestreden besluit te schorsen en te bepalen dat verzoeker niet aan Polen mag worden overgedragen totdat op het beroep in de bodemzaak is beslist. Tevens wordt de staatssecretaris veroordeeld in de proceskosten van verzoeker.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen en de overdracht aan Polen wordt geschorst totdat op het beroep is beslist.