ECLI:NL:RBDHA:2023:17495
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlenging ondertoezichtstelling van minderjarige wegens voortzetting hulpverlening
De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling tot verlenging van de ondertoezichtstelling van een minderjarige tot 7 december 2023. De kinderrechter heeft op 1 november 2023 de mondelinge behandeling gevoerd en een gesprek met de minderjarige gehad. De moeder van de minderjarige voert geen verweer en bevestigt dat het goed gaat en dat zij zelf contact opneemt met hulpverlening indien nodig.
De gecertificeerde instelling meldt een positieve ontwikkeling binnen het gezin, waarbij de moeder openstaat voor begeleiding en de minderjarige goede schoolresultaten behaalt en afspraken met een coach heeft. De hulpverlening wordt voorbereid om over te gaan naar een vrijwillig kader via het wijkteam, waarvoor de financiering nog moet worden overgezet.
De kinderrechter oordeelt dat aan de wettelijke criteria van artikel 1:255 BW Pro is voldaan en verlengt de ondertoezichtstelling voor een korte periode van een maand. Dit om de overdracht naar het vrijwillig kader goed te kunnen afronden en continuering van hulpverlening te waarborgen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders verzochte wordt afgewezen.
Uitkomst: De ondertoezichtstelling van de minderjarige wordt verlengd tot 7 december 2023 met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.