Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De bewijsbeslissing
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De oplegging van straf en maatregel
7.De vorderingen van de benadeelde partijen
€ 100.000 op eventueel toekomstige schade, een en ander te vermeerderen met de wettelijke rente, bepaling van hoofdelijke aansprakelijkheid en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
€ 1.926,99 aan materiële schade en € 20.000 aan immateriële schade.
€ 20.000 daarvan vanaf 22 januari 2023 en over € 1.926,99 daarvan vanaf 16 oktober 2023 tot aan de dag dat dit bedrag is betaald, ten behoeve van [slachtoffer] .
€ 14.857 ziet op reeds geleden schade en € 100.000 op eventueel toekomstige schade, een en ander te vermeerderen met de wettelijke rente, bepaling van hoofdelijke aansprakelijkheid en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
8.De voorlopige hechtenis
9.De toepasselijke wetsartikelen
10.De beslissing
onder 1ten laste gelegde feit heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij;
onder 2 primairten laste gelegde feit heeft begaan, zoals hierboven onder 3.6 bewezen is verklaard, en dat het bewezen verklaarde uitmaakt:
12 (TWAALF) MAANDEN;
- een bedrag van € 1.926,00 bestaande uit materiële schade, aan [slachtoffer] , vermeerderd met de wettelijke rente daarover vanaf 16 oktober 2023 tot de dag waarop deze vordering is betaald en
- een bedrag van € 20.000,00, bestaande uit immateriële schade, aan [slachtoffer] , vermeerderd met de wettelijke rente daarover vanaf 22 januari 2023 tot de dag waarop deze vordering is betaald en
- een bedrag van € 2.500,00, bestaande uit immateriële schade, aan [naam 2] , vermeerderd met de wettelijke rente daarover vanaf 22 januari 2023 tot de dag waarop deze vordering is betaald;
€ 21.926,99, vermeerderd met de wettelijke rente over € 1.926,99 vanaf 16 oktober 2023 en over € 20.000,00 vanaf 22 januari 2023 tot aan de dag dat dit bedrag is betaald ten behoeve van [slachtoffer] ;