ECLI:NL:RBDHA:2023:15293
Rechtbank Den Haag
- Versnelde behandeling
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op asielaanvraag met oplegging dwangsom
Eiseres diende op 18 september 2021 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris besloot niet tijdig binnen de wettelijke termijn van zes maanden, die eenmaal met negen maanden werd verlengd, waardoor de beslistermijn op 15 december 2022 verstreek zonder besluit.
Eiseres stelde de staatssecretaris rechtsgeldig in gebreke en diende vervolgens beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit. De rechtbank stelde vast dat het beroep tijdig was en gegrond verklaard moest worden. De rechtbank wees op de toepasselijkheid van de Tijdelijke wet opschorting dwangsommen IND en de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State over de onverenigbaarheid van het uitsluiten van rechterlijke dwangsommen met het Unierecht.
De rechtbank bepaalde dat de staatssecretaris binnen vier weken na het gehoor op 13 oktober 2023 alsnog een besluit moet nemen en legde een dwangsom op van €100 per dag met een maximum van €7.500. Tevens werden de proceskosten van eiseres toegewezen. De uitspraak is gedaan door rechter F. Sijens en openbaar gemaakt op 11 oktober 2023.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt de staatssecretaris op binnen vier weken na het gehoor alsnog een besluit te nemen, met oplegging van een dwangsom.