Uitspraak
Gezagsuitoefening
Beschikking op het op 10 mei 2023 ingekomen verzoek van:
[naam01] ,
[naam02] ,
Procedure
- het verzoekschrift;
- het F9-formulier van 26 mei 2023, met bijlagen, van de zijde van de moeder.
- de moeder, bijgestaan door haar advocaat;
- de vader;
- [medewerker RvdK01] namens de Raad voor de Kinderbescherming.
Verzoek en verweer
Feiten
- De vader en de moeder hebben een relatie met elkaar gehad tot begin augustus 2020.
- Zij zijn de ouders van de volgende nog minderjarige kinderen:
- De ouders oefenen het gezamenlijk gezag over [minderjarige01] en [minderjarige02] uit.
- Bij beschikking van [beschikkingsdatum01] 2021 van deze rechtbank is – voor zover hier van belang – bepaald dat de kinderen de hoofdverblijfplaats hebben bij de moeder en dat zij bij de vader zullen zijn:
- Bij beschikking van [beschikkingsdatum02] 2022 van deze rechtbank is – voor zover hier van belang – een vakantie- en feestdagenregeling bepaald en zijn de ouders verwezen naar Kenniscentrum Kind en Scheiding voor deelname aan het hulpverleningstraject Ouderschapsbemiddeling.
- Bij proces-verbaal van de mondelinge uitspraak in kort geding ter zitting van [datum] 2023 van deze rechtbank is door de voorzieningenrechter aan de moeder een gebod opgelegd om met de kinderen terug te verhuizen naar [plaats02] , tenzij zij uiterlijk op 10 mei 2023 een verzoekschrift strekkende tot verkrijging van vervangende toestemming tot verhuizing bij deze rechtbank indient.
- De moeder, [minderjarige01] en [minderjarige02] staan feitelijk sinds 17 februari 2023 in de Basisregistratie personen ingeschreven op het adres [adres01] te ( [postcode01] ) [plaats01] .