ECLI:NL:RBDHA:2023:14851
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag niet-ontvankelijk verklaard
Eiser diende op 9 maart 2022 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Na het verstrijken van de wettelijke beslistermijn van zes maanden zonder besluit, stelde eiser de staatssecretaris op 16 maart 2023 in gebreke en diende op 13 april 2023 beroep in tegen het niet tijdig beslissen.
De staatssecretaris had de beslistermijn echter rechtsgeldig verlengd met negen maanden op grond van artikel 42, vierde lid, aanhef en onder b, van de Vreemdelingenwet 2000, vanwege een groot aantal gelijktijdige aanvragen. De rechtbank volgde het eerdere oordeel van de meervoudige kamer dat deze verlenging terecht was.
Hierdoor was de ingebrekestelling prematuur en voldeed het beroep niet aan de vereisten van artikel 6:12, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht. De rechtbank verklaarde het beroep daarom niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens een rechtsgeldige verlenging van de beslistermijn.