Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam eiser], eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag heeft op 19 september 2023 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak betreffende een asielaanvraag van een Jemenitische eiser. Het bestreden besluit van 2 juni 2023 hield in dat de asielaanvraag niet in behandeling werd genomen omdat Polen verantwoordelijk werd geacht voor de behandeling op grond van de Dublinverordening. Eiser stelde dat het voornemen van 29 maart 2023 niet rechtsgeldig was bekendgemaakt, omdat dit niet per fax maar per e-mail was verzonden zonder dat de gemachtigde van eiser hiervoor expliciet toestemming had gegeven.
De rechtbank oordeelde dat de elektronische verzending in strijd was met artikel 2:14, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), omdat de gemachtigde niet kenbaar had gemaakt dat zij per e-mail bereikbaar was. Hierdoor was het voornemen niet op juiste wijze toegezonden en kon eiser geen zienswijze indienen, wat een schending van de zorgvuldigheidsbeginselen en het gelijkheidsbeginsel opleverde. Dit leidde tot schending van artikel 3:2 Awb Pro.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en droeg verweerder op het voornemen alsnog correct bekend te maken en een nieuwe beslissing te nemen. Tevens werden de proceskosten van eiser toegewezen. De overige aangevoerde gronden behoefden geen bespreking meer. Het vonnis benadrukt het belang van correcte procedurele handelingen bij besluitvorming in asielzaken.
Uitkomst: Het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen wordt vernietigd wegens onjuiste bekendmaking van het voornemen.