ECLI:NL:RBDHA:2023:13751
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag verblijfsdocument EU/EER voor verzorgende ouder op grond van Chavez-Vilchez arrest
Eiser heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsdocument EU/EER als verzorgende ouder van zijn minderjarige kind met de Nederlandse nationaliteit, op grond van het Chavez-Vilchez arrest. De staatssecretaris heeft deze aanvraag afgewezen omdat eiser een geldig verblijfsrecht in Frankrijk bezit, waardoor het kind niet gedwongen is de EU te verlaten.
De rechtbank stelt vast dat eiser niet heeft betwist dat hij een geldig Frans verblijfsrecht heeft tot 2031. Dit betekent dat de voorwaarde voor het Chavez-verblijfsrecht, namelijk dat het kind de EU zou moeten verlaten bij afwijzing, niet is vervuld. Het beroep van eiser is daarom kennelijk ongegrond.
Eiser voerde aan dat het onevenredig is dat hij eerst zijn Franse verblijfsrecht moet opgeven zonder garantie op een Nederlands verblijfsdocument, en dat het belang van het kind onvoldoende is meegewogen. De rechtbank oordeelt dat de staatssecretaris terecht heeft vastgesteld dat het kind niet gedwongen wordt de EU te verlaten en dat de omstandigheden van het kind en de moeder onvoldoende onderbouwd zijn om tot een ander oordeel te komen.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van de aanvraag. De staatssecretaris hoeft de proceskosten van eiser niet te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de aanvraag voor een verblijfsdocument EU/EER blijft in stand.