ECLI:NL:RBDHA:2023:12628
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag wegens verlenging beslistermijn
Eiser diende op 30 november 2022 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De wettelijke beslistermijn van zes maanden zou eindigen op 30 mei 2023. Verweerder, de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verlengde de beslistermijn rechtsgeldig met negen maanden vanwege een groot aantal gelijktijdige aanvragen, conform artikel 42, vierde lid, aanhef en onder b, van de Vreemdelingenwet 2000.
Eiser stelde verweerder bij brief van 1 juni 2023 in gebreke wegens het niet tijdig beslissen en diende op 19 juni 2023 beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit. De rechtbank oordeelt dat de ingebrekestelling prematuur was omdat de verlengde beslistermijn nog niet was verstreken. Hierdoor voldoet het beroep niet aan de vereisten van artikel 6:12, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
De rechtbank verklaart het beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Rechtbank Den Haag, zittingsplaats Groningen, op 24 augustus 2023.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege een rechtsgeldige verlenging van de beslistermijn.