ECLI:NL:RBDHA:2023:12613
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag niet-ontvankelijk wegens geldige beslistermijnverlenging
Eiser heeft op 1 augustus 2022 een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. De wettelijke beslistermijn van zes maanden zou op 1 februari 2023 eindigen. De staatssecretaris heeft echter met inwerkingtreding van het WBV 2022/22 de beslistermijn voor asielaanvragen die op 27 september 2022 nog niet waren beslist met negen maanden verlengd.
De rechtbank heeft in een eerdere uitspraak geoordeeld dat deze verlenging rechtsgeldig is vanwege de grote instroom van vreemdelingen. De rechtbank ziet geen reden om in deze zaak van dat oordeel af te wijken. Hierdoor was de wettelijke beslistermijn nog niet verstreken op het moment dat eiser de staatssecretaris in gebreke stelde op 3 maart 2023.
Omdat de ingebrekestelling prematuur was, voldoet het beroep niet aan de vereisten van artikel 6:12, tweede lid, van de Awb. De rechtbank verklaart het beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens een geldige verlenging van de beslistermijn.