ECLI:NL:RBDHA:2023:12363
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep asielaanvraag wegens vertrek met onbekende bestemming
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Duitsland verantwoordelijk zou zijn voor de behandeling. De rechtbank heeft het beroep samen met een andere zaak op 12 juli 2023 behandeld, maar eiser en zijn gemachtigde zijn niet verschenen.
Uit systeemgegevens van de staatssecretaris blijkt dat eiser op 10 april 2023 met onbekende bestemming is vertrokken en nadien strafrechtelijk is gedetineerd geweest. Nadien is eiser niet meer in beeld bij relevante instanties en onderhoudt hij geen contact met zijn gemachtigde, die haar laatste contact met eiser op 27 maart 2023 had.
De rechtbank stelt dat volgens vaste rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State een vreemdeling die zonder mededeling vertrekt in beginsel geen prijs meer stelt op bescherming. Omdat eiser geen contact onderhoudt met zijn gemachtigde en niet heeft laten weten dat hij nog bescherming wenst, heeft hij geen belang bij een inhoudelijke beoordeling van zijn beroep.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en hoeft de staatssecretaris geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat hij met onbekende bestemming is vertrokken en geen belang heeft bij behandeling.