ECLI:NL:RBDHA:2023:11110
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens prematuur ingebrekestelling bij asielaanvraag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De rechtbank heeft partijen laten weten dat een zitting niet nodig was en het onderzoek gesloten zonder zitting te behandelen.
De wet vereist dat een betrokkene eerst een ingebrekestelling stuurt aan het bestuursorgaan, waarna pas beroep kan worden ingesteld als het besluit uitblijft na twee weken. Sinds 27 september 2022 geldt het besluit WBV 2022/22, dat de beslistermijnen voor asielaanvragen met negen maanden verlengt indien deze op die datum nog niet verstreken waren.
Eiser betwist dat de verlenging van toepassing is op zijn aanvraag, maar de rechtbank verwijst naar een eerdere uitspraak waarin is vastgesteld dat de verlenging terecht is toegepast. Eiser diende zijn aanvraag op 3 november 2022 in, waardoor de verlengde beslistermijn tot 3 februari 2024 loopt. De ingebrekestelling van 9 mei 2023 is dus te vroeg ingediend.
Daarom voldoet het beroep niet aan de voorwaarden en wordt het niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege een prematuur ingediende ingebrekestelling.