ECLI:NL:RBDHA:2023:10488
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beperking vrijheid van beweging in HTL voor vrouw met licht verstandelijke beperking
Eiseres, een vrouw met een licht verstandelijke beperking en Oegandese nationaliteit, werd door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een maatregel van beperking van vrijheid van beweging opgelegd, waarbij zij zich moest houden aan een gebied binnen de HTL te Hoogeveen. Eiseres stelde dat het besluit onvoldoende gemotiveerd was, dat haar psychische gesteldheid en communicatieproblemen onvoldoende waren meegewogen en dat de HTL geen passende omgeving voor haar was.
De rechtbank oordeelde dat de plaatsing in de HTL niet ter toetsing stond omdat eiseres geen beroep had ingesteld tegen het COa-plaatsingsbesluit. Het gehoor voorafgaand aan de maatregel was correct verlopen met een beëdigde tolk, en eiseres begreep dit volgens de rechtbank goed. De rechtbank vond dat de gedragingen van eiseres, waaronder verbaal en fysiek geweld, voldoende grond boden voor de maatregel en dat lichtere middelen niet effectief waren gebleken.
Ook werd geoordeeld dat de HTL een geschikte locatie is, mede omdat er overleg was geweest met medische zorginstanties en dat de locatie extra begeleiding en medische zorg biedt. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van beperking van vrijheid van beweging in de HTL wordt ongegrond verklaard.