ECLI:NL:RBDHA:2023:10238
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning en oplegging inreisverbod wegens strafrechtelijke veroordelingen en onvoldoende belangenafweging
Eiser, van Guinese nationaliteit, kreeg zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier met verblijfsdoel 'humanitair niet tijdelijk' afgewezen en een inreisverbod van tien jaar opgelegd vanwege eerdere strafrechtelijke veroordelingen en het ontbreken van een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv).
De rechtbank oordeelt dat verweerder onvoldoende alle relevante feitelijke en juridische gegevens heeft betrokken bij zijn beoordeling, zoals vereist op grond van het arrest Z.Zh. en I.O. en artikel 8 EVRM Pro. Met name is niet gebleken dat verweerder vonnissen van de strafrechters heeft meegewogen, waardoor het besluit onzorgvuldig en onvoldoende gemotiveerd is.
Daarnaast heeft verweerder ten onrechte afgezien van het horen van eiser in de bezwaarfase, terwijl dit gezien de belangenafweging en de aard van het besluit noodzakelijk was. Dit is in strijd met de hoorplicht zoals neergelegd in de Algemene wet bestuursrecht en de relevante jurisprudentie.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot betaling van de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder moet een nieuw besluit nemen met inachtneming van deze uitspraak.