ECLI:NL:RBDHA:2022:630
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering machtiging voorlopig verblijf onder jongvolwassenenbeleid
Eisers, een staatloos echtpaar uit Syrië, vroegen een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) aan voor hun zoon die in Nederland woont. De aanvraag werd aanvankelijk afgewezen en na bezwaar en beroep volgde een nieuw besluit dat ook werd afgewezen. De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris onvoldoende had gemotiveerd waarom de zoon niet onder het jongvolwassenenbeleid viel, terwijl het peilmoment de datum van aanvraag was waarop de zoon 21 jaar was.
De staatssecretaris voerde subsidiair een belangenafweging aan, waarbij onder meer werd gewezen op de leeftijd van eisers, medische problemen en de zelfstandigheid van de zoon. De rechtbank vond deze belangenafweging onzorgvuldig en onvoldoende gemotiveerd, met onvoldoende aandacht voor het familieleven en de psychische problemen van de zoon.
De rechtbank stelde vast dat de staatssecretaris geen beoordelingsruimte had over de toepassing van het jongvolwassenenbeleid en dat het besluit in strijd was met de Algemene wet bestuursrecht. De belangenafweging moet opnieuw worden gedaan, waarbij de rechtbank een termijn van vier weken stelt voor een nieuw besluit. Tevens werden de proceskosten en griffierecht aan eisers toegewezen.
Uitkomst: Het besluit wordt vernietigd en de staatssecretaris moet binnen vier weken een nieuw besluit nemen met een juiste belangenafweging.