Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De bewijsbeslissing
Op 1 februari 2019 heeft de verdachte met [medeverdachte] via de nieuwe eigenaar ( [naam 1] ) de sleutel van het pand opgehaald bij de sleutelmaker. Omdat de formele overdracht nog niet was geweest kregen zij deze sleutel om de laatste spullen op te halen.
Op diezelfde dat werd door [bedrijf] de lege kist bij de loods geleverd, de verdachte nam deze in ontvangst.
Op 6 februari 2019 werden er bij de [bedrijf1 1] , om de hoek van het pand aan de [adres 2] , spullen gekocht door [medeverdachte] en [medeverdachte1] . Uit de camerabeelden van die dag volgt dat de verdachte die dag ook tweemaal is opgehaald en thuisgebracht door [medeverdachte] en [verdachte1] en dat hij eerst na het moment van aankoop bij de [bedrijf1 1] thuis was gebracht. De verdachte heeft die dag ook het aggregaat gekocht voor een bedrag van € 3.500,-, contant betaald. Dit betrof het aggregaat dat moest worden verscheept naar Penang in de kist die bij [bedrijf] stond. Dit volgt ook uit de mailwisseling van 7 en 8 februari 2019 met medewerker [naam 2] bij [bedrijf] . In deze correspondentie valt het op dat de verdachte erop hamert welke manier en op welke dag de kist dient te worden verzonden. Ook wenste de verdachte een douanecontrole op de kist met het aggregaat. Tijdens meerdere mailwisselingen tussen de verdachte en [bedrijf] over de kisten was de verdachte in het bijzijn van [medeverdachte] .
1 maart 2019in Nederland, (ter uitvoering van het door verdachte en zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om) tezamen en in vereniging met één of meer anderen, opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland als bedoeld in artikel 1 lid 5 van Pro de Opiumwet (te brengen) heeft gebracht, ongeveer 269.040 gram (605.040 pillen), een hoeveelheid van een materiaal bevattende MDMA, zijnde MDMA een middel, als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst 1 (welke pillen in een (speciaal daarvoor geprepareerde) kist waren verstopt en welke kist getransporteerd moest worden met als eindbestemming Penang (Maleisië), terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid)
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De toepasselijke wetsartikelen
8.De beslissing
Het pand is op 17 december 2018 verkocht aan [naam6] en [naam3] voor een bedrag van 540.000,- euro. Een normaal bedrag.
(verhoor getuige [naam 2] ), opgemaakt op 11 maart 2019, voor zover inhoudende (p. 258-259):