Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[Naam], eiser V-nummer: [Nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Britse nationaliteit, is op 12 februari 2022 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 vanwege het risico dat hij zich aan toezicht zou onttrekken en de uitzettingsprocedure zou belemmeren. De staatssecretaris heeft voldoende gemotiveerd dat er sprake is van zware gronden die de maatregel rechtvaardigen.
De rechtbank constateert dat de staatssecretaris voldoende voortvarend heeft gehandeld door binnen vier dagen na inbewaringstelling een vertrekgesprek te voeren en een aanvraag voor een laissez-passer in te dienen. Eiser heeft niet betwist dat deze handelingen hebben plaatsgevonden.
Eiser voerde aan dat hij familie en een vriendin in Nederland heeft, maar heeft dit onvoldoende geconcretiseerd om een minder dwingende maatregel te rechtvaardigen. De rechtbank oordeelt dat er geen sprake is van een afhankelijkheidsrelatie die een lichtere maatregel zou rechtvaardigen.
Gelet op de omstandigheden acht de rechtbank de maatregel van bewaring proportioneel en noodzakelijk. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Een proceskostenveroordeling wordt niet opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.