ECLI:NL:RBDHA:2022:15027
Rechtbank Den Haag
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen verblijfsvergunning asiel wegens Dublinverordening afgewezen
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen. Dit besluit is genomen op grond van artikel 30, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, waarbij Nederland de verantwoordelijkheid voor de behandeling van de aanvraag aan Italië heeft overgedragen volgens de Dublinverordening.
De rechtbank heeft het beroep samen met een vergelijkbare zaak behandeld, waarbij eiser niet is verschenen. De rechtbank overweegt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten opzichte van Italië geldt, wat recentelijk door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State is bevestigd in meerdere uitspraken. Eiser heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat dit vertrouwensbeginsel in zijn geval niet kan worden toegepast.
De door eiser aangevoerde rapporten zijn reeds door de Afdeling betrokken en geven geen aanleiding tot een ander oordeel. De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en wijst het af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is op 20 september 2022 mondeling gedaan en op 28 september 2022 bekendgemaakt.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.