ECLI:NL:RBDHA:2022:13961
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen uitsluiting bestuurlijke dwangsommen bij asielaanvraag
Eiser stelde beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag en tegen de vaststelling dat geen bestuurlijke dwangsommen verschuldigd zijn. Verweerder had de asielaanvraag inmiddels ingewilligd. De rechtbank overwoog dat de Tijdelijke wet opschorting dwangsommen IND uitsluit dat bestuurlijke dwangsommen worden toegepast op asielaanvragen, wat eiser betwistte wegens strijd met het Unierecht.
De rechtbank verwees naar eerdere jurisprudentie waarin werd geoordeeld dat uitsluiting van bestuurlijke dwangsommen in strijd kan zijn met het gelijkwaardigheidsbeginsel, maar stelde dat de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dit anders beoordeelde en dat er voldoende rechtsbescherming via rechterlijke dwangsommen blijft.
Omdat eiser met het beroep niet kan bereiken wat hij wil, ontbrak het aan procesbelang en werd het beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank veroordeelde verweerder tot vergoeding van de proceskosten van eiser wegens het niet tijdig beslissen op de aanvraag.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet toepassen van bestuurlijke dwangsommen bij de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard en verweerder is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.