Uitspraak
Rechtbank den haag
1.Aldi Vastgoed B.V. te Culemborg,
Hoogvliet Beheer B.V.te Rijnwoude,
Rechtbank Den Haag
Aldi c.s. wensten twee supermarkten te realiseren op een locatie eigendom van BPD Ontwikkeling B.V. Zij hebben zich sinds 2017 ingespannen om een omgevingsvergunning te verkrijgen, welke in juli 2021 werd verleend. Aldi c.s. deden in 2018 en 2020 biedingen op de locatie, maar BPD besloot in september 2021 de locatie niet te verkopen en woningen te realiseren.
Aldi c.s. vorderden primair dat BPD de onderhandelingen zou voortzetten en een koopovereenkomst tot stand zou brengen, subsidiair vergoeding van gederfde winst en gemaakte onderhandelingskosten. BPD voerde verweer dat geen sprake was van onderhandelingen gericht op overeenstemming.
De voorzieningenrechter oordeelde dat uit de stukken blijkt dat partijen elk hun eigen traject volgden: BPD werkte aan woningbouwplannen met de gemeente, terwijl Aldi c.s. zich richtten op vergunningverlening. Contacten tussen partijen waren niet gericht op het sluiten van een koopovereenkomst. Er was geen gerechtvaardigd vertrouwen bij Aldi c.s. dat een overeenkomst zou komen.
De vordering tot voortzetting van onderhandelingen werd afgewezen en Aldi c.s. werden veroordeeld in de proceskosten van ruim €9.500. De uitspraak werd mondeling gedaan op 9 februari 2022.
Uitkomst: Vordering tot voortzetting van onderhandelingen en tot het sluiten van een koopovereenkomst wordt afgewezen.