ECLI:NL:RBDHA:2022:12851
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op terugwerkende kracht bijstandsuitkering wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Eiseres heeft meerdere keren een bijstandsuitkering aangevraagd, waarvan de eerste aanvragen zijn afgewezen of buiten behandeling gesteld vanwege onvoldoende gegevens. Uiteindelijk is haar per 5 november 2020 een bijstandsuitkering toegekend. Eiseres vordert in beroep toekenning van bijstand met terugwerkende kracht vanaf 29 augustus 2019, stellende dat bijzondere omstandigheden zoals dakloosheid, weigering van medewerking door haar ex-partner en coronabeperkingen haar verhinderden de gevraagde gegevens te verstrekken.
De rechtbank overweegt dat het uitgangspunt is dat bijstand niet wordt verleend over perioden vóór de aanvraagdatum tenzij bijzondere omstandigheden dit rechtvaardigen. De rechtbank stelt vast dat over bepaalde periodes nog geen besluitvorming heeft plaatsgevonden, maar concludeert dat eiseres onvoldoende heeft onderbouwd dat haar omstandigheden een belemmering vormden om tijdig een aanvraag in te dienen of gegevens te verstrekken.
Ook het beroep op het vertrouwensbeginsel wordt verworpen omdat eiseres geen bewijs levert van een toezegging door een consulent. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst de vordering af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep op toekenning van bijstand met terugwerkende kracht wordt ongegrond verklaard.