ECLI:NL:RBDHA:2022:11621
Rechtbank Den Haag
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding bij te vroeg ingesteld beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag
Verzoekster had een asielaanvraag ingediend op 13 januari 2021. De staatssecretaris moest uiterlijk binnen zes maanden, dus op 13 juli 2021, een beslissing nemen. Op 26 augustus 2021 stelde de staatssecretaris een besluit- en vertrekmoratorium voor Afghanistan in, dat ook geldt voor aanvragen waarvan de beslistermijn al was verstreken maar waarop nog niet was beslist.
Verzoekster stelde een beroep in tegen het niet tijdig beslissen op 19 mei 2022, maar dit beroep werd als te vroeg beschouwd omdat het moratorium de beslistermijn had verlengd. De staatssecretaris heeft op 9 september 2022 alsnog de asielaanvraag ingewilligd, waarna verzoekster het beroep introk en proceskostenvergoeding vroeg.
De rechtbank oordeelde dat er geen sprake was van een tegemoetkoming in de zin van artikel 8:75a Awb, omdat het beroep te vroeg was ingesteld. Daarom wees de rechtbank het verzoek om proceskostenvergoeding af en stelde partijen niet uitgenodigd voor een zitting.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen omdat het beroep tegen het niet tijdig beslissen te vroeg is ingesteld.