Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 29 juni 2021 in de zaak tussen
[eiseres] B.V., gevestigd te [vestigingsplaats], eiseres
de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder.
Procesverloop
mr. [D] en mr. [e].
Rechtbank Den Haag
Eiseres exploiteert een online sportplatform waarbij sportbeoefenaars via abonnement toegang krijgen tot workout- en instructievideo’s, zonder dat een fysieke sportaccommodatie wordt aangeboden. Zij heeft bezwaar gemaakt tegen de toepassing van het algemene btw-tarief en stelt dat het verlaagde tarief van toepassing moet zijn.
De rechtbank stelt vast dat het verlaagde tarief volgens de Wet OB en de btw-richtlijn alleen geldt voor het recht om gebruik te maken van fysieke sportaccommodaties. De online diensten van eiseres vallen hier niet onder omdat geen fysieke accommodatie wordt aangeboden.
Eiseres beroept zich op het gelijkheidsbeginsel en fiscale neutraliteit, en wijst op een tijdelijke Covid-regeling die online lessen van sportscholen wel onder het verlaagde tarief laat vallen. De rechtbank oordeelt dat deze regeling tijdelijk en uitzonderlijk is, en niet van toepassing op eiseres die geen fysieke accommodatie aanbiedt.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst de stelling van eiseres af dat het verlaagde tarief ook zonder fysieke accommodatie moet gelden. Er is geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de toepassing van het algemene btw-tarief op online sportdiensten zonder fysieke accommodatie wordt ongegrond verklaard.