ECLI:NL:RBDHA:2021:8648
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op tegemoetkoming Loonkostenvoordeel oudere werknemer wegens niet tijdige premiekorting
Eiseres heeft voor twee oudere werknemers een verzoek ingediend voor de tegemoetkoming Loonkostenvoordeel (LKV) oudere werknemer over 2018. Het geschil betrof de vraag of zij voldeed aan de voorwaarden van het overgangsrecht zoals opgenomen in artikel 6.2 van de Wet tegemoetkoming loondomein (Wtl).
De rechtbank stelde vast dat eiseres weliswaar tijdig de indicatie premiekorting (nominatief deel) had doorgegeven, maar het bedrag aan premiekorting (collectief deel) pas op 14 november 2018 via een correctiebericht had ingediend, wat te laat was. Volgens de wet moest dit bedrag uiterlijk 1 mei 2018 zijn doorgegeven om in aanmerking te komen voor het overgangsrecht.
Eiseres voerde aan dat het invullen van het bedrag geen voorwaarde was, maar de rechtbank oordeelde dat het bedrag noodzakelijk is voor de controle en omzetting van de oude premiekorting naar het nieuwe LKV-systeem. De rechtbank kon geen coulance verlenen, omdat de wet geen ruimte biedt voor afwijking van de formele voorwaarden.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en de beschikking van de Belastingdienst gehandhaafd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat eiseres niet tijdig het bedrag aan premiekorting heeft doorgegeven en daarmee niet voldoet aan het overgangsrecht voor de tegemoetkoming LKV oudere werknemer.