Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser, V-nummer: [V-nummer]
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
mr. D.M. Biermann, griffier.
Rechtbank Den Haag
Eiser diende op 26 juni 2019 een asielaanvraag in bij de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Na het niet tijdig beslissen op deze aanvraag stelde eiser verweerder in gebreke en stelde beroep in tegen het uitblijven van een beslissing. De rechtbank Middelburg verklaarde dit beroep gegrond en legde een dwangsom op die zou lopen tot het moment van besluitvorming.
Verweerder besloot op 17 juli 2020 de asielaanvraag van eiser in te willigen, maar stelde dat de termijn voor het opleggen van de dwangsom nog niet was verstreken en berekende geen dwangsom over een deel van de periode. Eiser was het hier niet mee eens en stelde dat hij recht had op een dwangsom over een langere periode.
De rechtbank Den Haag overwoog dat de vaststelling van de hoogte van de dwangsom geen publiekrechtelijke rechtshandeling is en daarom niet onder de bestuursrechter valt. De rechtbank verklaarde zich onbevoegd om van het beroep kennis te nemen en verwees eiser naar de burgerlijke rechter voor dit geschil.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is in het openbaar gedaan door rechter J.J.P. Bosman en griffier D.M. Biermann op 29 juli 2021.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd om kennis te nemen van het beroep tegen de vaststelling van de rechterlijke dwangsom.