ECLI:NL:RBDHA:2021:5365
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag op grond van ongeloofwaardige seksuele geaardheid
Eiser, een Guinese nationaliteit dragende persoon, verzocht om asiel op grond van zijn homoseksualiteit en de daaruit voortvloeiende vervolging in zijn land van herkomst. Hij stelde dat hij was betrapt tijdens een intieme handeling, vastgebonden, bedreigd en gevangen gezet. Na ruim drie jaar gevangenisstraf kwam hij vrij door omkoping.
De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens ongeloofwaardigheid, met name omdat eiser summier en vaag verklaarde over zijn gevoelens en beleving van zijn seksuele geaardheid. Ook achtte de staatssecretaris de detentie ongeloofwaardig gezien de duur en omstandigheden. Eiser voerde aan dat de beoordeling onterecht was gebaseerd op bewustwording en zelfacceptatie, wat volgens hem niet als criterium mocht worden gehanteerd.
De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris de beoordeling zorgvuldig en conform de geldende werkinstructies had uitgevoerd. De vragen over persoonlijke ervaringen en beleving waren toegestaan en niet gebaseerd op stereotypen. De rechtbank vond dat eiser onvoldoende inzicht gaf in zijn gevoelens en de gevolgen van zijn geaardheid, en dat de staatssecretaris terecht de geloofwaardigheid in twijfel trok. De beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag is ongegrond verklaard vanwege onvoldoende geloofwaardige verklaring over seksuele geaardheid.