ECLI:NL:RBDHA:2021:2996
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A. Tanyildiz
- M.M.L.A.T. Doll
- Rechtspraak.nl
Afwijzing faciliterend C-visum wegens ontbreken duurzame relatie
Eiseres, partner van een Spaanse referent, diende op 27 september 2019 een aanvraag in voor een faciliterend C-visum. Verweerder wees deze aanvraag af omdat eiseres onvoldoende had aangetoond dat zij een duurzame relatie met de referent heeft, zoals vereist op grond van de Verblijfsrichtlijn en het Vreemdelingenbesluit 2000.
De rechtbank stelde vast dat eiseres en referent niet zes maanden voorafgaand aan de aanvraag hadden samengewoond, een vereiste volgens het beleid van verweerder. Hoewel eiseres diverse bewijsstukken overlegde, waaronder relatieverklaring, foto’s, vliegtickets en financiële overboekingen, vond de rechtbank deze onvoldoende om een duurzame relatie aan te tonen. Verweerder had het standpunt dat de relatie kunstmatig was en dat de overgelegde bewijsstukken niet overtuigend waren.
De rechtbank oordeelde dat verweerder het beleid conform de Verblijfsrichtlijn en nationale regelgeving heeft toegepast en dat eiseres niet voldeed aan de voorwaarden voor het verkrijgen van het visum. Ook werd geoordeeld dat het bezwaar van eiseres terecht ongegrond was verklaard en dat er geen reden was voor proceskostenvergoeding. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag voor een faciliterend C-visum wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende bewijs van een duurzame relatie.