ECLI:NL:RBDHA:2021:2891
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaar verblijfsdocument EU/EER
Eiser, een Tunesische nationaliteitdragende persoon, diende een aanvraag in voor een verblijfsdocument EU/EER op grond van artikel 20 VWEU Pro en het arrest Chavez-Vilchez. De aanvraag werd op 15 november 2019 afgewezen wegens onvoldoende bewijs van zorg- en opvoedingstaken voor zijn minderjarige kind en het ontbreken van een afhankelijkheidsrelatie die het vertrek van het kind uit de EU zou dwingen.
Eiser diende een bezwaarschrift in zonder gronden en kreeg een termijn van twee weken om deze aan te vullen. Na wisseling van gemachtigde en verzoeken om dossierinzage, werd het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard omdat de gronden niet binnen de gestelde termijn waren aangeleverd en er geen nieuw uitstel was gevraagd.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht het bezwaar niet-ontvankelijk heeft verklaard. De wisseling van gemachtigde bracht geen nieuwe termijnverlenging mee, aangezien de nieuwe gemachtigde geen uitstel heeft gevraagd. De overige beroepsgronden behoeven geen bespreking. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar wordt ongegrond verklaard.