Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep tegen bestreden besluit 1 niet-ontvankelijk;
- verklaart het beroep tegen bestreden besluit 2 ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Colombiaanse nationaliteit, kreeg op 7 en 8 oktober 2021 respectievelijk een terugkeerbesluit met inreisverbod en een maatregel van bewaring opgelegd door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Het terugkeerbesluit en het inreisverbod werden op 8 oktober 2021 ingetrokken, waarna eiser op 12 oktober 2021 beroep instelde tegen deze besluiten. De rechtbank verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk omdat de besluiten reeds waren ingetrokken.
De maatregel van bewaring werd opgelegd op grond van artikel 59a van de Vreemdelingenwet 2000 vanwege een concreet aanknopingspunt voor overdracht volgens de Dublinverordening en het risico dat eiser zich aan toezicht zou onttrekken. Eiser betwistte de gronden van de bewaring niet, maar stelde dat de maximale ophoudingstermijn van zes uur was overschreden bij het opleggen van de tweede maatregel.
De rechtbank oordeelde dat de grondslag van de bewaring tijdig was gewijzigd nadat verweerder informatie ontving dat de asielaanvraag van eiser in Spanje was afgewezen. De wijziging vond binnen de vereiste termijn plaats. Het beroep tegen de maatregel werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Beroep tegen ingetrokken terugkeerbesluit en inreisverbod niet-ontvankelijk; beroep tegen maatregel van bewaring ongegrond; verzoek om schadevergoeding afgewezen.