Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Eritrese vreemdeling, werd op 7 juli 2021 in bewaring gesteld op grond van artikel 59a van de Vreemdelingenwet 2000 vanwege een concreet zicht op overdracht aan Italië volgens de Dublinverordening. De bewaring werd op 15 juli 2021 opgeheven nadat eiser weigerde mee te werken aan een noodzakelijke coronatest, waardoor de geplande overdracht werd geannuleerd.
De rechtbank oordeelde dat het zicht op overdracht niet ontbrak doordat eiser de coronatest weigerde, aangezien medewerking aan deze test redelijkerwijs van hem mocht worden verlangd. De weigering en het tijdsverloop tot opheffing van de bewaring waren niet onrechtmatig. De rechtbank verwierp het beroep van eiser tegen de bewaring en wees ook het verzoek om schadevergoeding af.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter R.J.A. Schaaf en griffier T.R. Oosterhoff-Vos op 12 augustus 2021. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.