Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Procesverloop
Overwegingen
- nationaliteit, naam en herkomst;
- leeftijd;
- verlaten van school;
- militaire dienst;
- illegale uitreis.
Rechtbank Den Haag
Eiseres, een Eritrese asielzoekster, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel die door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid werd afgewezen als kennelijk ongegrond. De rechtbank behandelde het beroep en stelde vast dat eiseres meerdere tegenstrijdige geboortedata had opgegeven, geen authentieke documenten ter onderbouwing van haar leeftijd had overlegd en wisselende verklaringen gaf over het verlaten van school, militaire dienstplicht en haar illegale uitreis uit Eritrea.
De rechtbank oordeelde dat eiseres onjuiste gegevens had verstrekt dan wel juiste gegevens had achtergehouden over haar identiteit, wat misleiding oplevert. Ook waren haar verklaringen over de militaire dienstplicht en illegale uitreis ongeloofwaardig, mede omdat zij onvoldoende kon toelichten waarom zij preventief was vertrokken en geen consistent verhaal gaf over haar familie en reis. De rechtbank verwierp de stelling dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd en dat eiseres in haar belangen was geschaad door het niet confronteren met eerdere verklaringen.
Gelet op de feiten en de toepasselijke regelgeving, waaronder artikel 30b van de Vreemdelingenwet 2000, concludeerde de rechtbank dat de aanvraag terecht was afgewezen als kennelijk ongegrond. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en de aanvraag verblijfsvergunning asiel afgewezen wegens misleiding en ongeloofwaardige verklaringen.