ECLI:NL:RBDHA:2021:15692
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging inreisverbod en afwijzing verblijfsdocument wegens gevaar openbare orde
Eiser, een Afghaanse man die sinds 1998 in Nederland verblijft, verzocht om opheffing van een inreisverbod en om afgifte van een verblijfsdocument als gemeenschapsonderdaan vanwege zijn huwelijk met een Nederlandse vrouw.
De rechtbank beoordeelde dat eiser nog steeds een actueel, werkelijk en voldoende ernstig gevaar voor de openbare orde vormt, gebaseerd op zijn vermeende betrokkenheid bij ernstige mensenrechtenschendingen in Afghanistan tussen 1979 en 1998. Verweerder had dit gemotiveerd aan de hand van persoonlijke gedragsbeoordeling en hield rekening met de psychische toestand van eiser.
Hoewel eiser psychische problemen heeft en medische adviezen zijn gesteld, vond de rechtbank dat dit niet leidde tot een concrete positieve gedragsverandering. Het belang van de Nederlandse samenleving woog zwaarder dan het belang van eiser bij opheffing van het inreisverbod.
Ook de aanvraag voor een verblijfsdocument werd afgewezen omdat er geen sprake is van een zodanige afhankelijkheidsrelatie met zijn echtgenote dat zij gedwongen zou worden de EU te verlaten. Het afgeleide verblijfsrecht kan bovendien worden beperkt wegens openbare orde.
Het beroep werd ongegrond verklaard en het inreisverbod bleef gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het inreisverbod blijft gehandhaafd; de aanvraag voor een verblijfsdocument wordt afgewezen.