ECLI:NL:RBDHA:2021:15629
Rechtbank Den Haag
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening afgewezen
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft eiser beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen omdat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling volgens de Dublinverordening.
De rechtbank overweegt dat de Nederlandse overheid in het algemeen mag uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten opzichte van Italië, zoals bevestigd door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in recente uitspraken. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat dit vertrouwensbeginsel niet langer geldt, ondanks zijn persoonlijke relaas en verwijzingen naar rapporten van Human Rights Watch en andere instanties.
De rechtbank stelt vast dat eiser niet heeft onderbouwd dat Italië het verbod op refoulement schendt of dat hij daadwerkelijk een asielaanvraag in Italië heeft ingediend. Ook is niet aannemelijk gemaakt dat hij bij terugkeer naar Italië geen opvang zal ontvangen. De rechtbank wijst erop dat het aan eiser is om klachten over de Italiaanse opvang bij de Italiaanse autoriteiten in te dienen.
De rechtbank concludeert dat de Staatssecretaris terecht heeft besloten de asielaanvraag niet in behandeling te nemen en verklaart het beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.